• Art in Context
  • Reviews
artist
date_end 1537-07-30
date_start 1537-07-30
excerpt_id 749787
quote lysbet michiels dochter mit cornelis wouters z[oen] hair man en[de] voicht b[eclaecht] aerlant mit steven Jans z[oen] tromper heur man ende voicht Seggen[de] alzoe zy noyt heur leven dagen noch van eenige feyten gediffameert Is geweest Soe dat mitsdien niemant geoerloft en Is heur te InJurieren zonder saicke ofte actie te competeren desen nochtans nyet tegenstaen[de] theeft belieft die voors[eyd] aerlant de zelve lysbet michiels dochter zeer InJurioeselycken te InJurie[re]n Seggen[de] In effecte des[en] ofte diergelycke woerd[en] dat zy een tovenaerster was en[de] dat zy heur dack van heur huys mit smeer van tovernye gesmeert hadde om dat de selve aerlant gheen geluck hebben en zoude zeggen[de] mede zy gethovert myn man en[de] myn zoon dat zyluyd[en] snachts nyet slapen en konnen overmitds die voors[eyde] tovernye die de voors[eyde] lysbet hemluyden dagelicx doende Is In ons huys Seggende Insgelycx Ick hebbe mit heer dirck van pragen gesproecken of hy gheenen Raet daer voer en wiste om van des[en] voors[eyden] tovernye ontslegen te wesen die lysbet ons gebuyere doen[de] Is / wair up die voors[eyde] heer dirck zeyde / Ick sal v daer wel of helpen dat ghy dser van nu voert an gheen gebreck of hebben en sult ende heeft die voors[eyde] aerlant dicwils tot verscheyden tyden en[de] plaets[en] tzelve verhaelt / en[de] daer by gepersisteert Ende alzoe die voors[eyde] lysbet noyt heur leven zulcx vermaert Is geweest als Int beghinnssel des[en] / clachte verhalet Is noch oick daer voer geacht noch gehouden voer alle die werlt / Welcke voors[eyden] InJurien en[de] InJurioese woerden mitsgaders die anclevi[n]ge vandien alzoet angaet lyff ziel goet en[de] bloet Roert / ter harten getrocken heeft Seyt en[de] concludeert daer om[m]e die voors[eyde] lysbeth Ind[en] name zoe zy p[ro]cedeert dat by u myn hee[re]n sentencie diffinitive die voors[eyd] lysbet verclaert zal worden byder voorn[oemden] aerlant geInJurieert te zyn en[de] dat die voors[eyde] aerlant schudich en[de] gehouden zal wesen der voorn[oemde] lysbet de zelve InJurien te beteren Eerlyck dat zy comen zal den eersten Rechtdach nade pronunciatie van des[en] sentencie In hoer linden [“en” stricken out] cledereren ongegort voerden schout en[de] achte scepenen Inder vierschaer van leyd[en] en[de] bidden hemluyd[en] Ind[en] name vand[en] K[eiserlijcke] M[ajesteei]t / mitsgaders p[er]tye Indien zy dser tegenwoirdich wes[en] willen . om v[er]ghiffenisse – zeggen[de] mit luyder stemmen dat zy hoer die InJurioese woerd[en] om goids willen vergheven / alzoe zy die mit groote ongelyck gesproken heeft en[de] dattet hoer zeerleet Is. zeggen[de] daer en boven dat zy vander voorn[oemden] lysbet anders niet en weet dan alle eer en[de] doecht / ende noch boven dien . up den eersten sonnendach daaer an volgen[de] Insgelycx te gaen In hoer linden clederen ongegort hebbende In heur handen een barnende wassen toertse wairdich wesende thien stuvers / vper doe cruycen en[de] processie van sinte pieters kerck / en[de] daer nae die zelve toertse te offeren voir dat Eerwairdige heylige sacrament aldaer / en[de] dat gedaen zynde alsdan te gaen staen vvoer thoech choer ende Revoceren die zelve InJurioese woerd[en] en[de] InJurien van dien In presentie van p[er]tye openbaer voerd[en] gemeen volcke In alder manieren als hier voeren verhaelt es / en[de] noch daer en boven te geven die gemeen buyeren van lysbet en[de] aerlant voorn[oemd] elcx een vat biers . elck vat van XXV stuvers / of by ghebreken van dien hondert karolus guldens van XL gro[ote]n tstuck daer voer te geven behouden Juste moderatie van scepenen boven getoegen up dynsdage als moren en VIIJe dasgen actum den VJen dach In augusto / noch wtgestelt by scepen[en] huyden acte dagen // en[de] ten zelven dage heeft deysschersse voir scepen[en] verclaert als dat die voors[eyden] InJurien In hair absentie en[de] niet In presentcie gescheit zyn en[de] dat tot diversche stond[en] actum den XIIIJen augustj upten XXIIJen dach in augusto dair an volgen[de] Is gewesen nae alle bescheyt scepenen gebleken dat die voors[eyden] aerlant schuldich zel wes[en] upt eerst dat die schout mit tmerendeel vand[en] scepen[en] sit en[de] dinget / te comen Inder vierschaer In hoere linden clede[re]n en[de] verclaern In Jegenwoirdicheyt vander voorn[oemden] lysbet michielsd[ochte]r en[de] hoer voecht / Indient hemluyd[en] belieft present te zyn / dat alzulcke InJurioese woerd[en] als zy vander voors[eyde] lysbet geseyt en[de] gesproecken mach hebben / zeer qualicken en[de] onbe dachtelicken die gesproecken heeft / ende anders niet vander voorn[oemden] lysbet en weet dan alle eere en[de] doecht / bidden[de] haer die te willen vergeven om goidswillen / en[de] zel daer en boven geven sinte pieters kercke tot behoef van dat eerwairdige sacrame[n]t twie toertsen elcke toertse wairdich wesen[de] thien stuvers te betalen voir alre heylige[n] dage naestcomen[de] / en[de] ten zelven tyde heeft die voors[eyd] steven Jansz [oen] als man en[de] voicht van aerlant voorn[oemd] geprotesteert van tvoirs[eyd] von[n]isse te appelleren of te Reformeren zulcx zynen goeden Raedt gedragen zel /
summary Lysbet Michielsdr, with her husband Cornelis Woutersz, sues Aerlant, with her husband Steven Jansz tromper, claiming that she had never in her life been defamed, but that, nonetheless, Aerlant had defamed her and accused her of being a sorceress, claiming that she had smeared her roof with sorcery-grease so that Aerlant would have no happiness; and that Aerlant had claimed Lysbet had bewitched her husband and her son so that they couldn’t sleep. Lysbet claims that Aerlant is going around saying she had asked advice from Rev. Dirck van Prague, who said he would take care of it. Lysbet demands that the court declare she had been damaged by Aerlant and that Aerlant should be found guilty of defamation and required to give compensation, and that Lysbet should come to the next court session after the sentencing, in her linens and beg forgiveness, saying in a loud voice that she asked forgiveness and acknowledged her fault, after which she should go in the Holy Cross procession of St. Pieterskerk, with a burning torch in her hand, which was to be an offering before the reserved host, and stand in front of the high choir and revoke these offensive words in the presence of the congregation. Moreover, Lysbet demands that Aerlant give all their neighbors each a vat of beer. At court on 6 August, the plaintiff explained that she had not been present when the slanderous words had been spoken. On 23 August, the court ordered Aerlant to appear in cour in her linen and declare that her words had been evil and thoughtless, and that she knew nothing but good reports about Lysbet, asking her to forgive her for God’s sake, after which she was ordered to go to the Pieterskerk and offer two torches for the Holy Sacrament (tabenacle).
tags a:3:{s:7:"keyword";a:2:{i:0;s:11:"trompettist";i:1;s:26:"muzikant (instrumentalist)";}s:6:"person";a:1:{i:0;s:26:"Steven Jansz | trompettist";}s:5:"craft";a:1:{i:0;s:11:"trompettist";}}
title_archive archief Schepenbank (Oud Rechterlijk Archief), nummer toegang 0508. Civiele Rechtspraak: Inv. nos. 42+1 t/m 42+ 28 (Wedboeken)