• Art in Context
  • Reviews
artist
date_end 1539-07-07
date_start 1539-07-07
excerpt_id 748119
quote florys hobben z[oon] gem[achtich]t van pieter andries z[oon] clockghieter als man en[de] voicht van anna wed[uw]e wylen aelbrecht heynricx z[oon] van ens beclaecht geryt andries z[oon] scrienwercker Seggen[de] die voors[eyde] eysscher alzoe geryt andries z[oon] voorn[oemde] voirtyts van aelbrecht heynricx z[oon] voors[eyde] zekere menichte van hout gecoft heeft gehadt daer van deysscher anden verweerder Resteert LXVJ karolus guldens X stuvers / Ende alzoe die verweerder zeggen wil cessie gedaen te hebben en[de] des voors[eyde] eysschers voersaet daer up verdachvaert soude hebben dat daer om die verweerder voorn[oemde] schuldich zel wesen tot zyne coste. den eysscher voors[eyde] te leveren copie wt des verweerders vercregen cessie mit alle dat dair an cleven[de] ende behoeren[de] Is. niet daer van after te houden of Ingebreke van dien up te leggen en[de] te betalen de voors[eyden] penn[ingen] en[de] die costen hier om gedaen en[de] gedaen zullen worden // wtgestelt tot den naesten dingdach actum den XXVIIJen July
summary Florys Hobbenz, representing Pieter Andriesz, bell-founder, as husband and guardian of Anna, widow of Aelbrecht Heynricxz van Ens, sues Geryt Andriesz, cabinetmaker, claiming that Geryt had bought wood from Aelbrecht Heynricxz, for which he still owes 66 karolus guldens and 10 stuvers. The defendant claims to have obtained cession from Aelbrecht, and the plaintiff demands a copy of this deed of cession or pay the money owed, plus costs. On July 28, the case is postponed until the next courtsession.
tags a:3:{s:7:"keyword";a:1:{i:0;s:13:"schrijnwerker";}s:6:"person";a:1:{i:0;s:30:"Geryt Andriesz | schrijnwerker";}s:5:"craft";a:1:{i:0;s:13:"schrijnwerker";}}
title_archive archief Schepenbank (Oud Rechterlijk Archief)